Nieuwe Open Wereld
Nieuwe Open Wereld
Milieubeleid
Energie
Grondstoffen
Huidig milieubeleid
Nieuw milieubeleid
In de afgelopen 40 jaar hebben we veel over besparing van energie en grondstoffen en bescherming van het milieu gesproken. Dit doen we nu nog steeds. In praktijk doen hier echter weinig aan. We voeren nog steeds geen beleid om te zorgen dat de hele mensheid structureel met een goede levensstandaard kan blijven leven. Diverse technieken die we hiervoor beschikbaar hebben worden (expres) niet gebruikt.
We hebben genoeg land, water, energie en grondstoffen beschikbaar, om veel meer mensen dan er nu op aarde leven structureel een goede levensstandaard te kunnen geven. Het nieuwe beleid is er op gericht om dit mogelijk te maken. Onderdeel van dit beleid is om reeds lange tijd beschikbare technieken en nieuwe technieken die we hier voor nodig hebben ook te gaan gebruiken.
In het grappige filmpje op de site www.storyofstuff.com is duidelijk te zien dat we met de manier waarop we nu leven niet door kunnen blijven gaan. Alternatief is stoppen met kunstmatige veroudering, beter gaan recyclen, toepassen van het Cradle to cradle concept (zie site www.duurzaamheid.nl) en betere materialen gebruiken.

Voor gebruik van nieuwe en betere materialen, of materialen die we ooit normaal vonden om te gebruiken. Kunnen we onder andere te denken aan gebruik van hennep. Voor duizenden jaren hebben we dit product als een normaal landbouw gewas gezien. Pas in de laatste eeuw is dit product onder het mom van bestrijding van drugsmisbruik in de ban gedaan. Werkelijke reden om het gebruik van dit product te verbieden is dienen van belangen van eigenaren van de olie- en chemische industrie, medicijnfabrieken etc. Van de industeriele versie van dit gewas is het onmogelijk om drugs te maken. Van dit product kunnen we wel papier, kleding, cement, plastic, medicijnen en nog vele andere producten maken. Bij de productie van dit gewas hebben we (bijna) geen chemicaliën nodig.
In Nederland maken we de buitenkant van gebouwen veelal van baksteen. Als we dit voor de hele wereldbevolking gaan doen hebben we een energie en grondstoffenprobleem. Alternatief is gebruik maken van Earth-stone. Dit is geperst zand met ca. 5% cement. In combinatie met betonijzer kunnen we hier ook moderne en of hoge gebouwen mee maken. Met dit bouwmateriaal hebben we geen tekort aan energie en grondstoffen.
Een gemiddeld huishouden gebruikt in Nederland 1.700 m3 gas en 3.400 kwh stroom per jaar. Door gebouwen beter te isoleren en of slimmer te bouwen kunnen we 90% op het energiegebruik voor verwarming en of koeling besparen. Zie hiervoor ook informatie over het "Passiefhuis" concept op de site van www.senternovem.nl. Als we het energeielabel beleid serieus toe gaan passen, zodat we alleen nog maar de meest zuinige apparatuur mogen (ver)kopen wat we nu kunnen maken, kunnen we ongeveer de helft op ons stroomverbruik besparen.

De behoefte aan energie voor huishoudens en kantoren etc. wat na de twee hiervoor genoemde punten voor besparing op energie over blijft. Kan met gebruik van zonnencellen in worden voorzien. Huidige bekende zonnencellen zijn duur en inefficiënt. Er moet veel grondstoffen en energie in gestopt worden om ze te kunnen maken. Per saldo zijn ze helemaal niet zo vriendelijk voor het milieu als wat de meeste mensen denken. Een nieuw type zonnencel bestaat uit een "Sensitized nano crystalline semiconducting film". Dit is een heel dun laagje materiaal wat we op glas wat we toch al nodig hebben voor het maken van ramen of plaatmateriaal voor het maken van daken aan kunnen brengen. Deze techniek wordt sinds begin jaren negentig gemaakt door Swiss Federal Institute of Technology in Lausanne. De kosten van deze techniek zijn ca. 15% van gewone zonnencellen.

In de periode van 1970 (net voor de eerste olie crisis) tot en met 2007 hebben we in Nederland 3,7 miljoen nieuwe woningen gebouwd. Het steden-bouw concept wat we hierbij hebben gebruikt is het beste te typeren als "Spookstad" concept. Mooi voorbeeld hiervoor is de bouw van de Bijlmer en Vinnexwijken. Wonen en alle overige levensfuncties zijn hierbij bijna maximaal uit elkaar getrokken. Behoefte aan vervoer, het energie verbruik, file en parkeerprobleem voor dit vervoer is hierbij ook bijna maximaal. Dit is een gemiste kans. We hadden in deze periode ook zoveel mogelijk zelfvoorziende woonwijken kunnen bouwen. Bij deze manier van stedenbouw hebben we 75% van onze huidige vervoersbehoefte niet meer nodig. Aanvullend op de hiervoor genoemde nieuwe vorm van stedenbouw zouden we kunnen kiezen voor gebruik van slimme groepsparkeerplaatsen met autoverhuursysteem en of gebruik van een PRT vervoersysteem. Als we dit doen hebben we nog maar 10% van het huidige aantal auto's nodig. Als we dit combineren met beperken van kunstmatige veroudering, beter recyclen en gebruiken van bestaande technieken voor energie zuinigere auto's. Hebben we voor ons toekomstig vervoersysteem nog maar ca. 1% aan grondstoffen en een paar procent aan energie van nu nodig.

Op het eerste gezicht zou (voor beperking van ons huidig energie, file en parkeerprobleem) het goed zijn dat we meer gebruik van openbaarvervoer gaan maken. Probleem met het huidige openbaarvervoer is de lage bezettingsgraad. Die is in Nederland op jaarbasis gemiddeld ca. 20%.

Voor beperking van ons energie en CO2 probleem worden we nu het gebruik van biobrandstof opgedrongen. Het is bij voorbaat al duidelijk dat dit nooit een serieuze oplossing kan zijn. het is te duur en er is teveel land nodig om dit te kunnen maken. Consequentie van deze techniek is dat om ons in het Westen leuk auto te kunnen laten rijden in arme landen nog meer mensen dood van de honger zullen gaan. Ander alternatief wat we nu voorge-schoteld krijgen is gebruik van waterstof. Ook bij deze techniek is bij voorbaat al duidelijk dat het een dure en inefficiënte oplossing is wat nooit goedkoop kan worden. Om waterstof te maken is driemaal zoveel energie (steenkool etc.) nodig dan dat we direct benzine in een auto stoppen.

Omstreeks 1980 is door een Amerikaan Paul Patone een goedkope techniek ontwikkeld waarmee we auto's 80% zuiniger kunnen maken. Op de site www.geet.nl is te zien dat iemand die een beetje handig is en ongeveer € 100 wil besteden, op basis van deze techniek al in een paar dagen iets leuks in elkaar kan knutselen. De auto industrie kan dit natuurlijk niet. In de jaren negentig reden in de VS al goede goed betaalbare energiezuinige electrische auto's rond. Waar zijn die gebleven? In 1969 is door en Filippijn Daniel Dingel een techniek bedacht waarmee we auto's op kraanwater kunnen laten rijden. In het boek van Stefan Deanaerde uit hetzelfde jaar werd deze techniek ook al benoemd. Meer recent zijn door een Amerikaan Stanly Meijer en een Australiër Joe vergelijkbare technieken ontwikkeld. Een Japans bedrijf Genepax is nu het verst in het verkrijgen van vergunningen om deze reeds lange tijd bestaande techniek in praktijk te mogen gebruiken.

De Amerikaanse auto industrie vraagt nu $ 34 miljard steun van de overheid. Dit biedt een mooie kans om van de auto industrie te kunnen eisen dat de reeds lange tijd bestaande technieken om betere auto's te kunnen maken nu ook echt in de praktijk toe te gaan passen.
Home
Onderwerpen
Over ons
Contact
www.storyofstuff.com
www.duurzaamheid.nl
www.senternovem.nl
www.geet.nl
Hulp