Nieuwe Open Wereld
Nieuwe Open Wereld
Belastingen
Uitgangspunten belastingplan voor de 21e eeuw
Plan "Gelijk oversteken"
In 1994 is de eerste versie van plan "Gelijk oversteken" verschenen. Doel van dit plan was om middels verbetering van het systeem voor belastingen en premies een miljoen extra banen in Nederland te creëren.

Om de vraag naar arbeidskrachten te stimuleren werd in dit plan voorgesteld om werkgevers de mogelijkheid te geven om premiekosten voor werkloosheid en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen te ruilen voor extra regulier werk. Om dit mogelijk te maken werd voorgesteld om de "Overhevelingstoeslag" (een toeslag van 10% op het loon die de werkgevers toen betaalde) af te schaffen en de premie voor ziektekosten verzekering voor rekening van de werknemers te brengen. Ter voorkoming van lastenverzwaring voor werknemers werd voorgesteld om alle kosten voor werkloosheid (waar onder de bijstandswet etc.) en arbeidsongeschiktheidsuitkeringen voor rekening van de werkgevers te brengen. In 1998 is de overhevelingstoeslag afgeschaft en zijn de kosten voor de WAO voor rekening van de werkgevers gebracht. In 2009 wordt het werknemersdeel van de WW-premie afgeschaft en voor rekening van de werkgevers gebracht.

Om het aanbod van arbeidskracht te stimuleren werd in dit plan voorgesteld om een gedeelte van de ziektekostenverzekering om te zetten in een vast bedrag per persoon. In 2006 is dit voorstel deels werkelijkheid geworden. In dit plan werd ook voorgesteld om alle aftrekposten (waaronder de hypotheekkostenaftrek) af te schaffen en gelijktijdig de belasting op arbeid fors te verlagen. In de loop van de tijd zijn een paar aftrekposten afgeschaft. Hiermee is de lastendruk op inkomsten uit vermogen en niet op arbeid verlaagd. De omvang van de hypotheekkosten aftrek is samen met de huursubsidie (€ 12 miljard) even groot als de netto jaarwinst van banken. De kosten van deze twee verkapte subsidieregelingen voor de winst van banken worden betaald uit belasting op arbeid. Dit is vermoedelijk de achterliggende reden waarom de overheid tot nu toe nog niet veel met dit deel van het voorstel voor stimulering van de werkgelegenheid heeft gedaan.

Lidstaten van de EU hebben afgesproken dat ze in 2009 samen eenmalig € 200 miljard extra gaan besteden om de economie te stimuleren. Ieder land wordt hier in vrij gelaten hoe ze deze bestedingsimpuls vorm gaat geven. Als we in Nederland nu nog een relatief kleine aanpassing op ons huidige belasting- en premiestelsel (met voor individuele personen en bedrijven kleine inkomenseffecten) doorvoeren. Kunnen we in Nederland de economie structureel een impuls van € 20 miljard per jaar geven, zonder dat de overheid hiervoor geld hoeft te lenen etc. Het geld is er al. Het enige wat we hoeven te doen is te zorgen dat bedrijven hier bij kunnen en dit in extra werkgelegenheid om kunnen zetten.
Sinds 1990 hebben we in Nederland 3 belastingstelselherzieningen achter de rug. Op dit moment is de overheid in Nederland weer opnieuw bezig met het ontwerpen van een nieuw belastingstelsel. Het is te hopen dat ze dit keer serieus rekening met de hiernavolgende uitgangspunten houdt.

Uitgangspunten voor een belastingplan voor de 21e eeuw zijn: maximale eenvoud en transparantie; maximale bevordering (locale) economie en werkgelegenheid; minimaal rondpompen van belastingen en premiegelden; minimaal gebruik van aftrekposten; minimale risico voor werkgever / investeerder voor algemene niet direct voor de productie relevante kosten; minimale behoefte voor lenen van geld om investeringen en productie mogelijk te maken; minimaliseert risico mismatch tussen geldcreatie versus productie; geen premies voor pensioen en bovenwettelijke uitkeringen over het minimumloon en het bevorderd evenwichtige inkomensverdeling. Voorgenoemde uitgangspunten betekenen dat de hoofdbestanddelen van het nieuwe belasting systeem voor de landelijke overheid bestaan uit BTW of transactiebelasting, belasting op winst van bedrijven en top inkomens. Voor de locale overheid is dit de onroerend goed belasting. Daarnaast is nog belasting op gebruik van vervoer, energie, milieu en accijnzen nodig om de kosten van alle publieke diensten te kunnen betalen.
Belastingen en gebruik van coöperatieve Burger Handels Organisatie
Voor uitbetaling van alle salarissen en uitkeringen brengt PROCO (een nieuw type organisatie wat bij onderdeel over monetair beleid is beschreven) iedere maand opnieuw alle hiervoor benodigde betaalmiddel in omloop. Om evenwicht te krijgen tussen door PROCO in omloop gebrachte betaal-middel en goederen en diensten die PROCO aan afnemers kan verkopen. Moet het intern een opslag methode gebruiken wat het meeste lijkt op een BTW of transactiebelasting. Hoogte van de tarieven voor deze twee belastingvormen is afhankelijk van wat hiermee betaald moet worden. Er van uitgaande dat hiermee de kosten van onderwijs, gezondheidszorg en een voorwaardelijk baisisinkomen voor jongeren, ouderen en mensen van de middengroep mee betaald moet worden. Is een tarief van ongeveer 40% resp. 10% nodig. Het verschil in tarief komt door sterk afwijkende gebruik van heffingsgrondslag. Bij de BTW is dit alleen levering aan finale afnemers. Bij transactiebelasting wordt deze heffing ook over leveringen tussen bedrijven en verkoop van bestaande woningen geheven. Beide systemen hebben voor en nadelen. Hier moet door de mensen die met dit systeem willen gaan werken een keuze in worden gemaakt.

In het nieuwe monetaire en economische systeem komen rente en overige kosten voor de staatsschuld te vervallen. Als we de kosten voor locale overheden gaan betalen uit grond of onroerendgoedbelasting. De kosten voor infrastructuur en milieu betalen uit belasting op vervoer en gebruik van het milieu. Flink bezuinigen op defensie, overbodige aftrekposten (waaronder de hypotheekkostenaftrek) en subsidies. Hebben we nauwelijks nog belastingen meer nodig. Hierdoor is het mogelijk om de huidige BTW, belasting en verplichte sociale premies op arbeid in een paar stappen geheel af te schaffen. Een gemiddelde werkende en hoger opgeleide verdienen in Nederland nu 2 resp. 3 maal het minumloon per jaar. Voorstel in plan Terra-one is om over het inkomen wat boven 4 keer het netto minimum inkomen per jaar (€ 14.000) uit steekt minimaal 52% belasting te blijven heffen. Doel van deze solidariteitsheffing is bevorderen van een evenwichtige inkomensverdeling en voorkomen van inflatie.

Door het feit dat PROCO zonder vorming van schuld aan wie dan ook zoveel nieuw betaalmiddel in omloop kan brengen als wat voor de economie nodig is. Hebben we minder behoefte aan subsidies dan nu. De combinatie van PROCO met een vorm van basisinkomensysteem wat bij onderdeel sociale zekerheidssysteem is beschreven. Maakt het mogelijk om onnodig rondpompen van geld tot een minimum te beperken. Hierdoor hebben we eveneens minder behoefte aan subsidies dan nu. Als een werkgever in Nederland nu iemand met het minimumloon of modaal inkomen in wil huren kost hem / haar dat excl. kosten voor een werkplek en BTW ruim € 20.000 resp. € 40.000 per jaar. Voor PROCO zijn de extra kosten voor inhuren van iemand met een minimum resp. modaal jaarinkomen. Ten opzichte van iemand thuis niets latten zitten doen. Nul resp. € 13.000 per jaar. Alle andere kosten zijn al betaald. Hier hebben we geen extra geld voor nodig.

Op aanvraag is brochure met beschrijving van "belastingpan PEMBA+ / belastingplan voor de 21e eeuw" gratis te verkrijgen. Het hierboven beknopt beschreven belastingplan staat hier verder in beschreven.
Huidig belastingsysteem
Nieuw belastingsysteem
Huidig belastingsysteem is complex en inefficiënt, het bevat hoge tarieven en veel overbodige aftrekposten.
Het nieuwe belastingsysteem is eenvoudig en efficiënt. Het werkt met lage tarieven. Om dit mogelijk te maken worden in principe alle aftrekposten afgeschaft. Er blijven alleen nog regelingen bestaan om onnodig rondpompen van geld (overheid betaald belasting aan zich zelf etc.) te voorkomen.
Home
Onderwerpen
Over ons
Contact
Hulp